Aardappelprijs onder nul in Europa
De Europese aardappelmarkt staat stevig onder druk. Volgens DCA Market Intelligence is er sprake van een aanzienlijk overschot, waardoor telers in sommige gevallen moeten betalen om hun product af te zetten. Lage prijzen of gratis weggeven bieden daarbij onvoldoende oplossing, want de voorraden blijven oplopen.
Overschot drukt prijzen verder omlaag
Nederlandse telers breidden hun areaal de afgelopen jaren flink uit. Sterke vraag en goede contractprijzen vanuit de verwerkende industrie lagen daaraan ten grondslag. Gunstige groeiomstandigheden zorgden in 2025 voor hoge opbrengsten. Tegelijkertijd verzwakte de vraag naar aardappelen. Concurrentie uit Azië nam toe, terwijl importheffingen in de Verenigde Staten de export bemoeilijken. Ook de zwakkere dollar speelt een rol in de verslechterde exportpositie.
De prijsontwikkeling weerspiegelt die situatie. PotatoNL noteerde recent €-1,00 tot €-2,00 per 100 kilo voor voeraardappelen. Prijzen voor fritesgeschikte aardappelen liggen slechts beperkt hoger. Door het overschot verschuiven volumes richting veevoer en biovergisting.
Tijdsdruk richting nieuwe oogst
Hoewel aardappelen technisch lang bewaard kunnen worden, neemt de economische haalbaarheid af. Zonder uitzicht op prijsherstel kiezen telers ervoor om eerder af te zetten.
“Niet iedereen kan zijn aardappelen zo lang bewaren. Bovendien is er op dit moment geen uitzicht op verbetering van de markt. Dus nemen telers het besluit om niet langer kosten te maken om de aardappelen te koelen”, aldus Niels van der Boom, aardappelmarktspecialist bij DCA Market Intelligence. Hierdoor komt extra volume versneld op de markt. Tegelijkertijd ontstaat druk op opslagruimte voor de nieuwe oogst.
Grote volumes zonder afzet
De overschotten in Europa zijn aanzienlijk. Nederland oogstte in 2025 circa 4,2 miljoen ton consumptieaardappelen, 900.000 ton meer dan een jaar eerder. Naar schatting is er daarvan nog 500.000 tot 600.000 ton over.
Ook in België, Frankrijk en Duitsland liggen grote volumes zonder koper. In totaal gaat het om circa 3,3 miljoen ton binnen de EU-4 (Nederland, België, Duitsland en Frankrijk). In België worden promotieacties opgezet om afzet te stimuleren. In Frankrijk wordt gewerkt aan een protocol voor gecontroleerde vernietiging. In Nederland is de problematiek besproken, maar concrete maatregelen zijn vooralsnog uitgebleven.